Verkikkerd

Die eerste keer dat jij toen naar mij kwaakte
Maakte ik zó hopla een sprongetje van plezier
Toen jij mij met jouw kikkerverliefdheid raakte
Gingen wij daar lekker saampjes aan de zwier
Hoewel jij nog een gillend kikkerkwaakje slaakte
Was het kikkerliefde aan de kant van de rivier
En omdat jij er zo’n modderpoel van maakte
Zitten wij nu met al die kikkervisjes-kindjes hier
Maar ik zeg oprecht dat vanaf dat ik je schaakte
Ben ik hopeloos verkikkerd op jou lekker dier

Lof

Ze zijn vast allemaal even enthousiast
Mijn familie, mijn ouders en mijn lieve vrouw
Als ze hun lovende woorden tot mij zouden richten
Nou ja, bij nader inzien, bind mij er niet op vast
Ik houd mijn adem er namelijk ook niet voor in
Tot ik eindelijk iets positiefs van hen horen zou
Voorlopig zit ik hier nog met een flinke kater
Want hun waardering voor mijn rijmgedichten
Die komt er mogelijk misschien wat later

Eenzaam

Wat moet ik toch beginnen
Als ik eenzaam ben
Of als het stil is om mij heen
Ik moet toch iets verzinnen
Om de stilte te doorbreken
Maar het lukt mij meestal niet
En ben ik weer alleen
Niemand die je ziet
Niemand ziet verdriet
Niemand die je zegt
Dat er ooit een dag zal komen
Die een lach op je gezicht laat zien
Dat de wereld je ziet staan
En de tranen niet meer stromen
Komt er licht in mijn bestaan